Gepubliceerd 26-10-2011 15:39 Piet Spijkers, grondleggen 'witgoed' aan de Piushaven

  • Geboortedatum: 1939
  • Sterfdatum:

Piet Spijkers, grondlegger de Harense Smid Tilburg - aan de Piushaven -

Mijn motto ? Neem met je hand en geef met je hart !

 

 

Piet: "Mijn opa Jan Spijkers deed op het Piusplein in kachels, mijn vader Bert maakte in de Koningsstraat kookketels - voor het gasbedrijf bijvoorbeeld - en wasmachines. Toen hij tijdens de oorlog in Duitsland te werk werd gesteld, bedacht hij de snelwasser. Weer thuis vroeg hij octrooi aan en was net wat eerder dan ene Hoover. Daarom moest die over zijn ‘Hoovertjes'een bonus aan mijn vader betalen.

Het ging zó goed met de productie van onze snelwassers dat de fabriek in de Koningsstraat te klein werd. Daarom liet mijn vader Henk Pellikaan - die hij van voetbalvereniging Longa kende - een pand neerzetten op de plaats waar nu de Harense Smid is. Maar in 1948 stierf mijn opa en mijn vader moest kiezen. Hij kon niet overal tegelijk zijn: in de Koningsstraat én bij de Piushaven. Daarom besloot hij de nieuwbouw voorlopig te verhuren.

In 1964 veranderde dat. Ik trok in het huis naast de nieuwbouw samen met Ella, mijn vrouw. Ik ging wit- en bruingoed verkopen onder de naam Spijkers Huishoudcentrale. Als oudste zoon had ik de morele plicht in de zaak te gaan. De fabriek zag ik niet zitten, dan liever de detailhandel. Wat ook meespeelde, was dat de gemeente Tilburg alles in de Koningsstraat ging onteigenen en slopen. Mijn vader is er toen maar mee gestopt."

 

Bruisend hart
"Ik ben geboren in de Koopvaardijstraat, drie huizen voorbij de winkel. Ik was de tweede met boven me Nellie en onder me drie jongens. In die tijd was de omgeving van de Piushaven braakliggend terrein. Een keer - ik kon amper lopen, wel prima kruipen - kwam Nellie thuis: ‘Ons Pietertje ligt in het water.' Mijn moeder krijgt de schrik van haar leven, rent naar buiten, vindt me op de rand van de kade en roept naar mijn zus: ‘Hij ligt er toch niet ín?' ‘Nee, maar wel bijna' schijnt ze geantwoord te hebben.

Na de oorlog werd de Piushaven een handelsgebied met veel overslag en wat industrie: Van Raak met ijzer, Wilborts met zijn kranen, Vollenhoven* met olie, Teeuwen-Wagenmakers met bloemkassen, Van Hout met de revisie van benzinepompen.

Tilburg had vroeger een bruisend hart, met de overdekte visafslag en de automarkt. Becht, de burgemeester heeft dat kapotgemaakt. Later bij de Piushaven hetzelfde laken een pak: gesloopt, gedempt en huizen gebouwd op vervuilde grond. Moesten er later palen onder gezet worden zodat ze de grond konden uitgraven.

Het is in 2008 nog steeds gehannes met trubbels en protesten. Beleidsmakers die de boel op de schop nemen en weer verdwijnen. Net-afgestudeerden die zonder praktijkkennis artistieke ideeën lanceren. Jo Coenen die een visie verzint... de ‘Champs Elysées'tussen centrum en haven... Van bovenaf zal het best mooi zijn, maar wij leven beneden. Ik heb de wens om straks vanuit mijn luie stoel naar het water te kijken. Ik wil aan de gang, bouwen en investeren. Maar hoelang trek ik het nog om elke maand op de gemeentelijke stoep te staan? Het is oeverloos."

 

Arresteer me gerust
"Terug naar het verleden. In de jaren zeventig veranderde Spijkers Huishoudcentrale in de Harense Smid. Ik had een compagnon gevonden; samen vormden we een machtsblok tegen de Makro's. Gouden jaren terwijl het daarvóór sappelen was geweest. De klant kocht het product onder je handen vandaan. Ook op zondag. Dan zakten de boeren die door de week niet konden, na de hoogmis af. De winkelsluitingswet was nog streng, soms huurden we een café en brachten daar de hele handel naartoe.

In diezelfde tijd heb ik zelf de Piushaven wel eens afgesloten. De gemeente had de kinderkoppen vervangen door asfalt. Binnen het uur vliegen de steentjes als projectielen door de lucht, sneuvelen er ruiten, vallen er deuken. Hebben ze verzuimd de straat aan te vegen. Ik bellen met de gemeente: nee, geen tijd. Dus zet ik wat bedrijfswagens aan de ene en de andere kant. Ja, dan is de politie er snel bij. Zeg ik: ‘Arresteer me gerust maar die auto's gaan pas weg als dit is opgelost.' En ineens kan het wel, is de weg heel snel zuiver.

Iets later kreeg je het ramkraken. Na de tweede keer dwars door mijn winkelpui was ik wanhopig. Ik moest - zei de verzekering - er dik glas in zetten, rolluiken monteren, een alarmsysteem aanleggen. Dat zou me kapitalen kosten, ook vanwege de verhoogde premie. Nou heb ik een vergunning voor een geweer dus ga ik samen met de hond op wacht zitten. De politie vindt het levensgevaarlijk. Maar daarna houdt het wél op! Eén keer in die tijd denk ik: nu gebeurt het. Een auto komt zachtjes aanrijden. Iets daarna nog een. Stapt de ene bestuurder in bij de ander. Even later begint die auto me toch te hobbelen..."

Zo'n klein penseeltje
"In 1991 ben ik gestopt met de zaak, al bleef ik eigenaar van de panden en adviseur. Als een ijverige eekhoorn had ik nootjes voor de winter verzameld; ik kon uit de voeten. De kinderen hadden er geen trek in. Te hectisch en te groot vond mijn zoon, hij bedankte me omdat ik hem het vak had geleerd en ging de handel in. Mijn oudste dochter wilde de wereld zien en werd stewardess. De jongste had niks met de winkel, die liep honderd meter om zodat ze niet naar binnen geroepen kon worden om bij te springen.

Dat ik stopte, lag niet aan hen of de Harense Smid. Het kwam door Oekraïne. Toen dit land van Rusland de vrijheid kreeg, gingen de kloosters open. Ze vroegen me om te helpen bij het opknappen. Ze kende me van een paar besturen, bijvoorbeeld ‘Actie en ontmoeting Oosterse kerken' waarvoor ik het regelwerk deed. Ik heb iets met iconen, schilder ze zelf. (zie foto 1). Kom ik
's avonds laat druk thuis, pak ik zo'n klein penseeltje. Noem het meditatie, mijn uitlaatklep. Mooi meegenomen als het een leuk ding wordt.

In 1991 reis ik af naar de Oekraïense kloosters en kom via een pater terecht in een oncologisch kinderziekenhuis waar zijn neefje ligt. Ik zie dat, ik moet iets doen, iets ondernemen. De eerste keer dat ik er opnieuw naartoe rijd, is mijn wagen vol. En nu ben ik bezig met de bouw van een kinderhuis. Het liep een beetje uit de hand, het werd mijn tweede leven. Ik schreef er een boek over: ‘Morgen zal het beter zijn... 15 jaar Humanitaire Hulp Kinderen Oekraïne'*. Wat is dat moeilijk, zó schrijven dat de jus erin blijft. Maar ik ben een bijter, het boek ligt er."

Klip en klaar
"Die sociale kant komt van opa Spijkers. Mijn vader had het ook, net als mijn zoon. Je doet het zonder nadenken. Neem met je hand en geef met je hart. Van mijn andere opa heb ik het varen. Opa van Lierop uit de J.P. Coenstraat had een pet, een zeilboot - de Houdoe - en een toeter waarop ik blazen mocht. Hij had ook veel tijd; in 1947 keurde het spoor hem af, hij zou het verschil tussen groen en rood niet weten. Ik heb zijn kleurenblindheid geërfd maar ken het verschil prima.

Mijn eerste bootje had ik toen ik een jaar of 17 was. Ik leg hem in de zwaaikom bij Kees Kies. Die belt de volgende morgen dat hij alleen nog het touwtje ziet. Blijkt mijn bootje gezonken omdat er een gaatje in zit. Ik kon er niet mee lachen. Later kwamen er andere bootjes. Dan ging ik op mooie zomeravonden Ella en de kinderen ophalen bij de Beekse Bergen dat toen net als recreatiepark was begonnen.

De Piushaven had volgens mij al veel verder kunnen zijn.

In 1991 zag ik een prachtig plan: wonen aan het water, klip en klaar. Maar uitvoeren? Nee dus. Je hoeft het wiel echt niet uit te vinden. Kijk hoe andere steden het doen en wij ondernemers staan al jaren in de startblokken. Mijn buurman Wilborts en ik willen aan de kop van de haven een complex bouwen met winkels en betaalbare appartementen. Er moet geheid worden anders plompt alles er zo weer in. Het is daar moerasgrond."

"Over tien jaar is het met mij gebeurd. Ik wil nog iets betekenen voor de Tilburgers, iets toevoegen, creëren, meewerken aan vernieuwing. Ik zoek de ziel van de stad, wil weer een mooi stukske Tilburg. Wat is er mooier dan aan het water? Water is een bindmiddel, een trekpleister, het belangrijkste in de hele wereld. (zie foto 2, anno 2010). En ja, ik wil weer terugkeren naar de plek waar ik geboren ben. Dan kan daar mijn kaarsje uitgaan."

* In de volksmond zat ‘Vollenhoven' aan de Piushaven, toch klopt dit niet helemaal. Het was Gulf en Vollenhoven maakte gebruik van dit depot.

* Het boek van Piet Spijkers ‘Morgen zal het beter zijn...' is te koop bij Stichting Humanitaire Hulp Kinderen Oekraïne (013 463 79 99). Een gift is ook altijd welkom: 191 231 746 of 111 99 tnv ‘ Humanitaire Hulp Kinderen Oekraïne ' in Tilburg.

 

Interview P. Schuurmans en M. van Turnhout - juni 2008 - maart 2009

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Uit: HAVENGEZICHTEN, Mensenverhalen rond de Tilburgse Piushaven - periode 1923-2023 (boekuitgave Stichting Thuishaven Tilburg STT- 2011 - schrijfster Ida Spee en vele vele anderen.) - te koop bij Boekhandel Livius, Nieuwlandstraat 56. - Tot stand gekomen met dank aan vele vrijwilligers, donateurs en sponsoren, waaronder Stadsmuseum Tilburg, Prins Bernhard Cultuurfonds en Erfgoed Brabant (Provincie) -


Zelf iets leuks meegemaakt rond of in de Piushaven, vroeger of nu ?
Zet het aub ook op het Geheugen van Tilburg !

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

 

 

Foto 1: P. Spijkers
Foto 2: MN vd Heijden (schippers anno 2010)
Foto 3 t/m 6: RAT Tilburg.

 

 

Dit verhaal heeft de volgende trefwoorden meegekregen: Jo Coenen

  •   Mieke-Nelie van der Heijden
  •   1    0    1 

Reacties

Clasina schreef op 19-10-2015 14:16
Mieke is verwarde je waarschijnlijk met de familie v. Gestel en woonde jullie op het hoekje .


Reageer

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen toevoegen.