Gepubliceerd 29-07-2011 15:27 Familie Koster

  • Datering van de foto: Diverse dateringen
  • Wie staan erop: Zie de fotobijschriften.

Uit het familiealbum van Kees Koster

Familiegegevens:

Kees Koster werd op 15 maart 1920 geboren in Rotterdam als jongste kind van Kees Koster en Johanna van Vuuren. Vader verdiende ondermeer de kost als koetsier van rijkelui in Wassenaar, waar het vijf kinderen tellend gezin ook kwam te wonen. De jonge Kees ging na de ambachtsschool - eerst in Rotterdam, later in Tilburg - studeren aan de kunstacademie van de Katholieke Leergangen te Tilburg. Koster verdiende zijn kost als etaleur en decorateur bij diverse Brabantse vestigingen van V & D. Wat zijn artistieke werk betreft werd hij ondermeer bekend door de inrichting en aankleding van de inmiddels gesloopte Lidwinakerk in Tilburg-Zuid en door twee in de handel gebrachte mappen met pentekeningen van historische gebouwen en schilderachtige plekjes in Brabant en Zeeland.

Ook als negentiger is hij nog steeds productief, ondermeer als maker van schilderijen waarin hij klassieke muziek als het ware in kleuren vertaalt.

Familieverhaal

Fragmenten uit een merkwaardig en rijk leven

'We hebben een overvloed aan vrije tijd, maar niemand heeft tijd voor een ander'. Die regel valt te lezen op een van de laatste bladzijden van een prachtig met de hand geschreven boek met de titel 'Van de wieg tot aan het graf... Levensoverzicht van Cornelis Johannes Koster v.a. 1920-2010'. Het is één van de grote schatten die de nog altijd vitale Kees Koster op tafel heeft gelegd om zijn verhaal te doen.

De Tilburgse kunstenaar en levenskunstenaar kan terugkijken op een rijk leven dat begon in een eenvoudige Rotterdamse arbeiderswoning. "Mijn vader was koetsier en later chauffeur van de bekende reder Van Ommeren", vertelt hij. "Ik was een jaar of vier toen wij naar een dienstwoning verhuisden op het landgoed ''Rust en Vreugd" van de familie Van Ommeren in Wassenaar." Een prachtige woning, zo blijkt uit een foto waar ook de kleine Kees op staat. Maar amper tien bladzijden verder in het 'Levensoverzicht' wordt het oog getroffen door twee dramatische foto's. Van vader op zijn sterfbed en van vader in zijn doodskist. Uit de begeleidende tekst:

 

In 1930 werd mijn vader ziek, hij had pijn aan z'n. kaak. Het bleek kanker te zijn. Ook toen al werd hij bestraald met radium: een klein blokje werd op de zere wang geplakt en gaf 's avonds "licht". De volgende dag weer naar het ziekenhuis, het was dan "bestraald". Maar na 'n paar weken viel het "bestraalde" gedeelte uit z'n wang en was er een gat dat steeds groter werd. Dat heeft een jaar geduurd, en na een vreselijke lijdenstijd, waarbij zijn halve gezicht was weggevallen, is hij na 'n jaar thuis verpleegd te zijn door moeder en m'n oudste zuster, overleden in 1931.

 

Koster herinnert zich nog de 'zes koetsjes in zwart met zwarte paarden bespannen' die zijn vader naar diens laatste rustplaats begeleidden. En ook hoe hij kort daarna met zijn vriendjes 'begrafenisje' speelde. 'Zo had ik een heel kerkhof van dode dieren aangelegd, compleet met kruis en naam erop van "Mus", "Kraai", "Eekhoorn" enz.' Het was zijn manier om 'de leegte' te verwerken.

Ondergedoken

Koster verhuisde al voor de oorlog naar Tilburg waar hij - na zijn ambachtsschool afgemaakt te hebben - aan de kunstacademie van de R.K. Leergangen ging studeren. Rond 1942 klaar met zijn studie vond hij emplooi als etaleur, decorateur en reclame-ontwerper bij de Hema en Bijenkorf in Den Haag. Hij vertelt hoe op een kwade dag in 1943 de joodse directie afgevoerd werd. En hoe hij zelf tewerkstelling in Duitsland wist te ontlopen door 'hem te smeren' naar Tilburg. Na een tijdje ondergedoken te hebben gezeten bij boerenmensen en bij de trappisten van Koninghoeven vond hij onderdak bij de familie van zijn academievriend Jan Oomen, een gezin met vijf dochters en twee zonen. "Ze kwamen oorspronkelijk uit Chaam en hadden een kruidenierswinkeltje in de Boomstraat. Er zaten nog twee andere onderduikers en met z'n vieren trokken we er vaak opuit. Bij de familie Oomen kon alles, op het laatst zat het hartstikke vol. Tegenover hen woonden Kee en Drika Vriens. En daar sliepen wij."

'Sidderesaamsees'

Tot aan de bevrijding zat Koster ondergedoken. Hij bezit nog diverse foto's uit die periode en heeft zijn herinneringen aan die pakweg anderhalf jaar ook op papier gezet.

Het met enkele tekeningen en fotocopieën verluchte boekje geeft fraaie inkijkjes in het dagelijks leven van toen. Prachtig is bij voorbeeld de passage waarin Koster beschrijft hoe men steevast het Rozenhoedje bad voor het slapen gaan:

 

Pa Oomen in z'n leunstoel in den hoek zette eerst zijn pet af en bad voor, terwijl de een aan het strijken was en de ander de sokken stopte. 50 x hetzelfde gebedje. De laatste twee regels waren: 'En gezegend is het lichaam 's Jezus'. Het kon gebeuren dat de "voorbidder" halverwege in slaap dommelde en je dan niets meer hoorde als "sidderesaamsees".

 

De gezusters Kee en Drika Vriens moeten ook fraaie portretten zijn geweest, zeker de laatste. Dat blijkt al uit het verhaal dat zij haar 60-jarige bruiloft vierde, terwijl haar man al veertig jaar dood was.

'Kaortspeulsters'

Minstens zo frappant was wat er gebeurde toen Drika weer eens een kaartavondje had met haar drie vaste, eveneens hoogbejaarde 'kaortspeulsters'. Gekaart werd er in het 'knusse huiskamertje', schrijft Koster:

 

Een kamertje met aan de ene kant een bedstee waar Drika in sliep en aan de andere kant in de hoek een ijzeren ledikantje waar Kee in lag. Kee was ziek, ze was aan het eind van haar leven en wachtte tot de dood haar kwam halen.

Tijdens het kaarten, zo 's avonds rond 11 uur kwam Kee half omhoog, riep: "Drik Drik", viel terug in haar kussen en was dood.

Drika deed er blijkbaar niet moeilijk over. Ze zei: "We zullen de kaarten even neerleggen en drie Onzevaders en Weesgegroeten bidden voor haar zielerust en dan zullen we het spelletje afmaken." Drika was een wijze vrouw, ze zei tegen haar kaartsters: "Als jullie nou niets zeggen, dan zeggen we dat ze na 12 uur gestorven is, dan mag ze een dag langer boven aarde staan." En zo gezegd zo gedaan.

Loreti

Tijdens zijn onderduikperiode werd er volgens Koster veel gewandeld - ook om graan en aardappelen te halen bij boeren- gelezen, getekend en plezier gemaakt. Maar tussen de bedrijven door maakte hij zich ook nuttig door het vervaardigen van verduisteringsgordijnen en schilderen van bioscoopborden. Dat gebeurde bij de firma Loreti die toen een werkplaats had in het Zwaanstraatje. Kort voor de bevrijding van Tilburg zaten Kees en zijn vrienden daar al lampjes in de kleuren rood, wit, blauw en oranje te verven - de feestverlichting voor als het eenmaal zo ver was - toen opeens een Duitse militaire vrachtwagen bij de zaak stopte.. "Er zaten vier Duitse militairen in", vertelt Koster alsof het gisteren gebeurde. "En ze hadden een paar honderd helmen bij zich waar wij met een verfspuit en malletjes links en rechts een hakenkuis en adelaar op moesten zetten. Dat is goed, zeiden we, maar dan moesten zij ons ook helpen. Met het gevolg dat zij daarboven bezig waren met die lampjes en wij met de helmen! Ik geloof niet dat ze begrepen waar die lampjes voor waren, maar ze zijn er wel twee dagen mee bezig geweest!"

Fotobijschriften

1. Kleine Kees bij de dienstwoning op het landgoed 'Rust en Vreugd' in Wassenaar, ca. 1925.

 

2. Vader Koster was chauffeur van de Rotterdamse reder en havenondernemer Philippus van Ommeren. Foto ca. 1926.

 

3. Moeder Koster bij haar doodzieke man, 1930/1.

 

4. De Tilburgse journalist Wim Hornman met op de achtergrond het Wandelbos. Foto 1938.

Kees Koster was een tijd bevriend met Hornman. "Ik heb hem leren kennen op de ambachtsschool. Hij leerde voor meubelmaker, ik voor schilder. Maar hij is de journalistiek ingegaan. In de oorlog zat hij in het verzet. Op een gegeven moment is hij opgepakt en naar Duitsland afgevoerd. De familie hoorde er niks meer van tot ze een pakketje ontvingen met zijn rozenkrans en zijn as. Maar dat bleek allemaal verzonnen, want na de bevrijding kwam hij opeens weer terug naar Tilburg. Zijn ouders woonden toen in de Telefoonstraat en ik weet nog dat er een harmonie kwam spelen om zijn thuiskomst te vieren. En dat hij op het balkon kwam staan en vertelde dat hij binnenkort naar Amerika vertrok om bij de News Chronicle te gaan werken. Nou, dat werd dus het Nieuwsblad van het Zuiden!"

 

5. Deze foto uit 1943 maakte Kees tijdens het bidden van het rozenhoedje bij de familie Oomen. V.l.n.r. Bets, moeder, vader en An. Kees lachend: "Moeder Oomen staat er bewogen op omdat iemand net een scheet liet en ze stikten van het lachen."

 

6. Jan Oomen en Kees Koster, 1943. "Dit was in de buurt van Boerke Mutsaers."

 

7. De firma Loreti had een werkplaats aan het Zwaanstraatje. Links Kees Koster rechts zijn collega Piet Smulders. Ca. 1945.

 

8. Vermoedelijk rond 1946 maakte Kees Koster dit fotoportret van Drika Vriens. In haar huis sliep hij meestal tijdens zijn onderduikperiode.

 

9. Een van de vele 'pensionkamers' die Kees Koster versleten heeft alvorens hij in de jaren zestig verhuisde naar de mede op zijn initiatief gebouwde 'vrijgezellenflat' in de Trouwlaan. "Dit was in de jaren vijftig, in een kosthuis aan de Vredeman de Vriesstraat."

 

10. Kees Koster, ca 2009.

Tilburg Wiki:

Dit verhaal heeft de volgende trefwoorden meegekregen: Kees Koster

  •   Joep Eijkens
  •   0    0    0 

Reacties

(nog geen reacties)


Reageer

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen toevoegen.